| Vorige | De Biografie van Augustinus | Volgende |
Kort na zijn doop besloot Augustinus naar Noord-Afrika terug te keren. Deze beslissing hield ook een opgeven van iedere wereldlijke carrière in. In de havenstad van Rome, Ostia, werd Monnica ziek en stierf. Haar dood betekende een jaar vertraging in de terugkeer naar Noord-Afrika. In 388 kwam Augustinus in Tagaste aan, tezamen met zijn zoon en een groepje vrienden. Daar betrokken zij als dienaren van God het landgoed van de overleden ouders van Augustinus. Hij verkocht een deel van zijn bezit en begon een soort kloostergemeenschap met de groep gelijkgezinden rond hem. Zij namen de levensstijl van een klooster aan onder Augustinus als geestelijke leider. Augustinus' ideaal was sinds geruime tijd: een teruggetrokken leven, studie, beschouwing, meditatie en gebed. Deze gelukkige periode van rust duurde niet langer dan ongeveer drie jaar. In de oudheid was het monastieke leven wezenlijk een lekenbeweging; een monnik vermeed de eer en de taak van priester. Zo was ook Augustinus op zijn hoede toen hij naar Hippo ging om een kandidaat voor zijn gemeenschap te bezoeken. Hij wist de de bisschopszetel in Hippo niet vacant was; dus was hij gerust. Maar hij vergiste zich; zijn reis naar Hippo had een heel andere afloop dan hij zich voorgesteld had.
De bisschop van Hippo, Valerius, was een Griek die maar moeilijk Latijn sprak. Hij had een priester nodig die hem bijstond en hem later kon opvolgen. Valerius had zijn gelovigen op de hoogte gebracht van zijn wensen. Toen Augustinus de kerk binnenkwam begon het volk te roepen en te eisen dat hij hun priester zou worden. Tegen zijn wil grepen ze hem vast en brachten hem naar Valerius om hem te wijden. Zo'n gedwongen wijdingen waren geen uitzondering in het laatromeinse Rijk. Roeping tot een kerkelijk ambt was in vroegere tijden niet zozeer een zaak van de wil van een individu, maar eerder de uitdrukking van de wensen van de gemeenschap. Bovendien was Valerius Augustinus' voorstel heel genegen om in Hippo een klooster te stichten zoals dat in Tagaste. Hij stelde daartoe een stuk van het kerkdomein ter beschikking. In 395 schreef Valerius geheime brieven naar de primaat in Karthago om Augustinus tot zijn coadjutor te wijden. Een jaar later stierf Valerius en Augustinus werd bisschop van de zeehaven, Hippo Regius.
Al deze gebeurtenissen brachten ernstige veranderingen in Augustinus' leven teweeg. Ook al moest hij vele van zijn dromen opgeven, hij pakte zijn nieuwe taak met overgave aan; hij was zich bewust van zijn verantwoordelijkheid en van de last op zijn schouders. Toch wilde hij ook als bisschop in een religieuze gemeenschap leven. Hij verhuisde van het lekenklooster te Hippo naar de woning van de bisschop waar hij een klooster voor clerici stichtte. Hij nam zoveel mogelijk deel aan het gemeenschapsleven van zijn monniken. Dit klooster voor clerici kreeg grote bekendheid omdat het een kweekschool was voor geleerde en bekwame bisschoppen voor heel Noord-Afrika. Nagenoeg veertig jaar lang bleef Augustinus de grote drijfkracht voor de kerk in Noord-afrika.
| Vorige | De Biografie van Augustinus | Volgende |